Afgelopen jaar werd Nederland opgeschrikt door extreemrechtse rellen in Den Haag en een uit de hand gelopen anti-immigratiedemonstratie in Amsterdam. Ondertussen is de antifascistische</strong>Antifascisme: beweging die strijdt tegen het fascisme en extreemrechts<strong> beweging Antifa door president Trump in de VS en premier Orbán in Hongarije als een terroristische organisatie bestempeld en nam de Tweede Kamer een motie aan om Antifa ook in Nederland als een terroristische organisatie aan te merken. Deze gebeurtenissen waren voor mij aanleiding om de naoorlogse geschiedenis van extreemrechts en de antifascistische beweging in Nederland te onderzoeken.

Ook in de jaren tachtig en negentig was er namelijk een politicus die uitspraken deed als ‘vol is vol’ en ‘Nederland voor de Nederlanders’, die zei dat hij de multiculturele samenleving het liefst wou afschaffen en die remigratiehet massaal deporteren van asielzoekers en mensen met een migratieachtergrond als oplossing zag: Hans Janmaat, lijsttrekker van de Centrumpartij en Centrumdemocraten. Destijds riepen zijn ideeën echter veel bredere maatschappelijke weerstand op dan nu: zo stroomde het Binnenhof vol met duizenden demonstranten toen Janmaat in 1982 geïnstalleerd werd als Kamerlid, verlieten Kamerleden de zaal als hij sprak en werd hij meermaals door de rechter veroordeeld voor zijn uitspraken. Er waren echter ook antifascistische activisten die bereid waren om veel verder te gaan in de bestrijding van extreemrechts, waarbij zij geweld niet schuwden. In dit artikel onderzoek ik wat de gevolgen waren van hun acties tegen de Centrumpartij en Centrumdemocraten.

De Centrumpartij (CP)

Maar eerst: wie waren de Centrumpartij en de Centrumdemocraten eigenlijk? De Centrumpartij kwam oorspronkelijk voort uit een andere extreemrechtse partij, de Nederlandse Volks-Unie (NVU). In 1979 richtten drie oud-NVU’ers – Robert Boot, Yge Graman en Henry Brookman – de Nationale Centrumpartij (NCP) op. De eerste partijbijeenkomst op 29 februari 1980 was gelijk ook de laatste: een groep jongeren onder leiding van Boot en Graman ging die dag namelijk op de vuist met ‘illegale’ Marokkaanse immigranten die in de Mozes- en Aäronkerk verbleven. Boot en Graman werden gearresteerd. Brookman hief hierna de NCP op en richtte de Centrumpartij (CP) op, met hetzelfde programma als de NCP.

Onder lijsttrekker Hans Janmaat haalde de Centrumpartij in 1982 een zetel in de Tweede Kamer. Dit was het begin van een electorale opmars: zo haalde de partij maar liefst 9 procent van de stemmen in tussentijdse verkiezingen in Almere in 1983. Deze groei zette zich door in 1984 in deelraadsverkiezingen in Rotterdam en de Europese Parlementsverkiezingen. Hierna viel de partij echter door ruzie uiteen. Janmaat werd uit de partij gezet en sloot zich aan bij een afsplitsing van de CP, de Centrumdemocraten (CD). In 1986 haalde geen van beide partijen een zetel in de Tweede Kamer.

Hans Janmaat in de Tweede Kamer, 1983. Foto: Rob C. Croes, Nationaal Archief / Anefo

De Centrumdemocraten (CD)

In 1989 wist Janmaat met zijn nieuwe partij toch terug te keren als Kamerlid en in 1994 hielden de Centrumdemocraten zelfs drie Kamerzetels. Het verkiezingsresultaat in 1994 was echter minder dan voorspeld was in de peilingen, wat voor een groot deel kwam door een aantal spraakmakende media-incidenten. Zo zei Janmaat dat hij geen traan zal laten om de dood van minister Ien Dales (PvdA) en dat hij hoopt dat “de hele PvdA haar spoedig volgt.” Ook stelde Janmaat in een interview met Elsevier dat CDA’er Ernst Hirsch Ballin, de zoon van een Duits-Joodse vluchteling, wat hem betreft geen minister mocht worden: in het CD-verkiezingsprogramma stond namelijk dat je een derde-generatie-Nederlander moest zijn om een baan bij de overheid te kunnen hebben.

Bovendien kwam naar buiten dat sommige kaderledenKaderlid: een lid die een functie heeft binnen een vereniging van de CD een extremistisch of crimineel verleden hadden. Zo was Yge Graman, een van de betrokkenen bij de aanval op de Mozes- en Aäronkerk, lijsttrekker voor de CD voor de gemeenteraadsverkiezingen in Amsterdam. Tijdens een undercoverreportage van het tv-programma Deadline in 1994 biechtte hij twee brandstichtingen op bij gebouwen waar etnische minderheden werden gehuisvest. Een ander voorbeeld is het Purmerendse raadslid Richard van der Plas, die banden had met neonazistische organisaties. De verkiezingen van 1994 waren dan ook het laatste succes van de CD: gemeenteraadsleden splitsten zich af, Janmaat werd veroordeeld voor discriminatie en in 1998 verdween de CD uit de kamer. Volgens Janmaat kwam dit doordat er gefraudeerd was met stemcomputers. In 2002 overleed Hans Janmaat.

Antifascistische acties

Het radicale deel van de antifascistische beweging vond dat de ‘burgerlijke’ samenleving te weinig deed tegen de opkomst van het fascisme en dat men daarom het heft in eigen handen moest nemen, desnoods met geweld. Deze activisten kwamen voort uit de kraakbeweging, waarin ze vaak zelf al geconfronteerd werden met rechtse knokploegen. Begin jaren tachtig was de kraakbeweging als gevolg van het veelal gewelddadige politieoptreden verhard, maar vond er ook inhoudelijke verbreding plaats: als gevolg was de beweging in hogere mate bereid om geweld te gebruiken, maar werden er ook andere onderwerpen dan alleen de woningnood aangekaart, zoals bijvoorbeeld het antifascisme.

Acties tegen de Centrumpartij vonden al vanaf het begin plaats, maar nadat Janmaat verkozen was als kamerlid werden de acties tegen de CP harder. Zo kwam het in januari 1984 tot een vechtpartij in de raadszaal van Almere, waar zo’n honderd actievoerders demonstreerden tegen de beëdiging van de twee verkozen CP-gemeenteraadsleden. De incidenten die het meeste stof deden opwaaien waren echter ‘Boekel’ en ‘Kedichem’.

In het Brabantse Boekel hield de Centrumpartij op 12 mei 1984 een congres. Hoewel de locatie geheim was, wisten de antifascisten achter de congreslocatie te komen. Als gevolg waren er zo’n tweehonderd tegendemonstranten aanwezig, waarvan het grootste gedeelte vreedzaam was. Een minderheid zocht echter de confrontatie op: ramen werden ingegooid en er werd een traangasbom naar binnen gegooid. De aanwezige CP’ers vluchtten daarom naar buiten en een deel ging op de vuist met de antifascisten.

Op 29 maart 1986 zou in Hotel Cosmopolite in het dorpje Kedichem een vergadering plaatsvinden tussen vertegenwoordigers van de CP en de CD over een mogelijke samenwerking of fusie. Antifascisten wisten van te voren van het bestaan deze vergadering af en wilden voorkomen dat een samenwerking of fusie tussen deze twee partijen hen een zetel zou opleveren bij de aanstaande Tweede Kamerverkiezingen.

De actie in Kedichem liep echter totaal uit de hand. Hotel Cosmopolite vloog in de brand en bij haar ontsnappingspoging viel Wil Schuurman – de toenmalige secretaresse en latere echtgenote van Hans Janmaat – uit het raam, waardoor haar been geamputeerd moest worden. Volgens de actievoerders was de brand per ongeluk ontstaan doordat een rookbom in de gordijnen was blijven hangen waardoor die vlam vatte. Volgens CP’ers en CD’s ging het echter om brandbommen, fosforbommen of molotovcocktails. De aanwezige actievoerders maakten dat ze weg kwamen, terwijl een groot deel van de actievoerders nog onderweg was naar het hotel.

Na Kedichem waren er weinig acties meer tegen de CP en de CD. Wel werd in 1992 een landelijke organisatie, genaamd Antifascistische Aktie (AFA), opgericht. De meest gebruikte tactiek van de AFA was echter om te dreigen met een tegendemonstratie tegen een vergadering of demonstratie van de CD, wat vaak al genoeg was om de CD-manifestatie verboden te krijgen uit angst voor verstoringen van de openbare orde.

De gevolgen van het geweld

Op korte termijn maakte het geweld het zeer moeilijk voor de Centrumpartij en Centrumdemocraten om zich te organiseren. Kadervorming werd bemoeilijkt, doordat ‘gewone’ mensen door het geweld werden afgeschrikt. Demonstraties van deze partijen werden vaak verboden uit angst dat tegendemonstraties uit de hand zouden lopen.

Na 1980 hield de CP geen openbare vergaderingen meer, uit angst dat deze door antifascisten verstoord zouden worden. Zalen voor (besloten) bijeenkomsten werden daarom vaak gehuurd onder een schuilnaam. Het überhaupt vinden van een locatie voor partijbijeenkomsten was echter al erg moeilijk. Zo ontbond een zaaleigenaar in 1995 bijvoorbeeld de huurovereenkomst met de CD omdat hij bang was dat zijn eigendom door antifascisten in puin zou worden geslagen. In de jaren negentig werden partijbijeenkomsten daarom in het gebouw van de Tweede Kamer gehouden. Daarnaast kunnen de persoonlijke gevolgen van het geweld niet onbenoemd blijven, in het bijzonder voor Wil Schuurman, die haar been kwijtraakte als gevolg van de brand in Kedichem

Het vaak extreme geweld, met de actie in Kedichem als hoogtepunt, had echter ook gevolgen voor de antifascistische beweging: de interne verdeeldheid nam toe tussen de gematigden enerzijds en de radicale harde kern anderzijds. Deze splijtzwam viel ook deels samen met regionale scheidslijnen, namelijk Amsterdam tegenover de rest. Bovendien distantieerden maatschappelijke organisaties zoals de Anne Frank Stichting zich van de beweging. Deze verdeeldheid verlamde de antifascistische beweging. Ik acht het dan ook geen toeval dat het aantal acties tegen extreemrechts in de jaren negentig veel lager lag dan in de jaren tachtig.

Conclusie

Met de Centrumpartij kwam er voor het eerst na de Tweede Wereldoorlog een partij in het parlement die een bevolkingsgroep apart zette. Dit riep een sterke maatschappelijke tegenreactie op, die zich uitte in vreedzame of gewelddadige protesten tegen deze partij. Daarnaast vonden er begin jaren tachtig ontwikkelingen plaats binnen de kraakbeweging – verharding en verbreding – die impuls gaven aan een radicalere antifascistische beweging. In de eerste helft van de jaren tachtig ging de opmars van de Centrumpartij gepaard met steeds gewelddadigere acties. Na Kedichem zakte de antifascistische beweging echter in; de reactie op de terugkeer van Janmaat als Kamerlid was dan ook minder sterk.

Op korte termijn maakte het geweld het moeilijker voor de Centrumpartij en Centrumdemocraten om zich te organiseren en om (kader)leden aan zich te binden. In die zin zou je het geweld vanuit het oogpunt van de radicale antifascisten, los van alle morele bezwaren, effectief kunnen noemen. Tegelijkertijd had het geweld ook weerslag op de antifascistische beweging. Het vormde een splijtzwam tussen de meer gematigde en radicale delen van de beweging en vervreemdde het van maatschappelijke bondgenoten, wat uiteindelijk de beweging verzwakte en het lastiger maakte om extreemrechts te bestrijden. Het geweld werkte dus ook contraproductief.

Op lange termijn heeft de antifascistische beweging bovendien niet weten te voorkomen dat het gedachtegoed van Hans Janmaat is genormaliseerd. Zo vinden we een van de speerpunten van de Centrumpartij en Centrumdemocraten, remigratie, terug in de partijprogramma’s van de PVV, FvD, BBB en JA21. Waar de Centrumdemocraten hoogstens drie Tweede Kamerzetels wisten te bemachtigen, haalden de hierboven genoemde partijen in 2025 samen maar liefst 46 zetels.

We hoeven naar mijn mening dan ook niet terug te verlangen naar de geweldscultuur van de jaren tachtig, maar wel naar de brede maatschappelijke weerstand tegen extreemrechts. Juist nu extreemrechts weer oprukt hebben we een zo massaal mogelijke antifascistische beweging nodig.

Bronnen:

Berkeljon, Sara en Haro Kaak. “Remigratie’ is een term met extreemrechtse lading, zeggen experts. Het staat in vijf partijprogramma’s.” De Volkskrant, 10 oktober, 2025. https://www.volkskrant.nl/binnenland/hoe-remigratie-mainstream-wordt-in-de-nederlanse-politiek~ba9c116c/

Buijs, Frank J., Overtuiging en Geweld. Vreedzame en Gewelddadige Acties tegen de Apartheid. Amsterdam: Uitgeverij Babylon-De Geus, 1995.

van Donselaar, Jaap, Fout na de Oorlog: Fascistische en Racistische Organisaties in Nederland, 1950 – 1990. Amsterdam: Uitgeverij Bert Bakker, 1991.

Hanselman, Berrie. “Daad en Discussie: Links Geweld: de Invloed van Interne Discussie en Overheidsrespons.” PhD diss., Universiteit Leiden, 2025.

Mudde, Cas, The Ideology of the Extreme Right. Manchester: Manchester University Press, 2000.

de Vetten, Jan, In de Ban van Goed en Fout: de Bestrijding van de Centrumpartij en de Centrumdemocraten, 1980 – 1998. Amsterdam: Uitgeverij Prometheus, 2016.

Afbeeldingen:

Bogaerts, Rob, Op het Binnenhof in Den Haag werd massaal gedemonstreerd tegen de komst van de Centrumpartij in de Tweede Kamer, 1982, Foto, Nationaal Archief, Den Haag, Inventarisnummer 363014. https://www.nationaalarchief.nl/onderzoeken/fotocollectie/05e8a507-3987-ea36-09d7-cf6fcbd92a58?searchKey=13956a8981e5dc9cce2ca7df4eaf7dac

Croes, Rob C., CP-leider Janmaat, 1983, Foto, Nationaal Archief, Den Haag. https://www.nationaalarchief.nl/onderzoeken/fotocollectie/ad2efb20-d0b4-102d-bcf8-003048976d84?searchKey=394a4d2febbded96f2fda76eda2d1991